Laat ik je even meenemen in mijn flabbergastische AH-avontuur (daar waar ik eigenlijk nooit kom), waar een stokbrood snijden ineens een sociaal experiment werd en misschien een reminder hoe een beetje vriendelijkheid je dag kan maken of breken.
Dus, ik sta daar bij de broodafdeling met mijn stokbrood. En omdat stokbrood snijden niet mijn grootste talent is (lees: ik krijg er gatenkaas van), besluit ik om eens vriendelijk te vragen of ze het voor me kunnen snijden. Ik schraap al mijn vriendelijkheid bij elkaar en zeg in mijn beste klantenstem: “Zou u misschien dit stokbrood voor mij willen snijden?” Ja, heel beleefd, met “u” en al!
Nou, ik had net zo goed kunnen vragen of ze de IJssel wilde inspringen voor mij. Ze draait zich om en kijkt me aan met een blik die zegt: “Daar heb je weer zo’n klant.” Compleet met diepe zucht en alles.
Ik, lichtelijk in shock door deze ontmoeting, zeg ik nog half verontschuldigend: “Oh joh, als het te veel moeite is, hoeft het niet hoor.” Maar daar gaat haar afwerende hand al: “geeft dan,” zegt ze kortaf, met het enthousiasme van een zak aardappelen.
Mijn zoontje kijkt me aan met een blik van “Mam, wat gebeurt hier precies?” En ik, niet wetend wat ik er verder van moet maken, begin maar weer mijn boodschappenlijstje te checken.
Opeens zegt mijn zoontje: “Mam, kijk, je stokbrood.” Ik kijk op van mijn lijstje en zie dat ze mijn stokbrood zonder enige aankondiging op het schap heeft teruggegooid en alweer druk bezig is met haar trolley. Geen blik, geen woord verder. Ach, dan niet, denk ik.
En alsof het allemaal niet toevallig genoeg kan, komt mijn vriendin net de winkel inlopen. Ze ziet me en roept enthousiast: “Hee! Gezellig!” Nou, daar sta ik, nog in mijn “what just happened”-confettibubbel, en ik roep meteen terug: “Nou, hier kom ik dus echt nóóit meer!” Ze vraagt wat er gebeurd is, en ik vertel het hele stokbroodverhaal.
“Was het tenminste leuk bij de film vanmiddag?” vraagt ze dan. “Ja, dat wel,” zeg ik, “maar de sfeer hier in de AH… die is duidelijk voor de gevorderden!” We lachen erom, maar ergens blijft het knagen. Misschien moeten we weer even terug naar de basis een beetje vriendelijkheid en geduld. Want als zo’n klein momentje als dit al voor zoveel frustratie zorgt, wat zegt dat dan eigenlijk over ons allemaal?